Klachten en oorzaken bij een lui oog
Een lui oog valt vaak niet meteen op. Je kunt merken dat het kind:
- Slecht ziet met één oog
- Moeite heeft met diepte zien
- Een oog soms wegdraait of scheel kijkt
De oorzaken van een lui oog kunnen verschillen. Vaak ontstaat het doordat één oog scheel staat en het brein dat oog minder gebruikt. Soms is er een groot verschil in sterkte tussen beide ogen, waardoor het ene oog automatisch beter ziet. Ook andere problemen, zoals aangeboren afwijkingen of oogziekten, kunnen ervoor zorgen dat een oog minder goed leert zien.
Behandeltraject bij een lui oog
1. Verwijzing
Is er een vermoeden van een lui oog? Vaak wordt het kind vanaf het consultatiebureau of door de huisarts doorverwezen naar een specialist bij Franciscus Focus.
2. Onderzoek en diagnose
We onderzoeken hoe goed elk oog ziet en of er sprake is van scheelzien of een ander probleem. Daarna bespreken we samen welke behandeling nodig is.
3. Behandeling
Afhankelijk van de oorzaak en leeftijd van het kind kan de behandeling bestaan uit:
- Een ooglapje om het betere oog tijdelijk af te dekken, zodat het luie oog moet leren zien
- Een brilcorrectie bij verschil in sterkte tussen de ogen
We kiezen altijd wat het beste bij het kind past. Het doel is dat beide ogen optimaal leren zien.
4. Resultaat en nazorg
Het succes van de behandeling hangt af van hoe snel en consequent deze wordt uitgevoerd. Tijdens de behandeling komt het kind regelmatig terug voor controle. Met de juiste begeleiding kan het zicht van het luie oog zich meestal sterk verbeteren.